Hoogfrequente straling
Elektromagnetische straling
Steeds meer en continu hoogfrequente straling om ons heen
Overal om ons heen is draadloze techniek. In huis, op het werk en zelfs in de slaapkamer zijn we omringd door een mix van signalen: wifi, 4G/5G, bluetooth, DECT‑telefoons, babyfoons, slimme thermostaten, routers, meterkasten en steeds meer “slimme” apparaten. Waar vroeger vooral televisie‑ en radiosignalen door de lucht gingen, worden we nu 24 uur per dag blootgesteld aan een veel bredere en intensere stroom hoogfrequente (HF) straling.
Zenuwstelsel en hersenactiviteit
Veel mensen merken dat HF-straling zorgt voor meer prikkels in hun systeem, ook als ze daar zelf niet direct een verklaring voor hebben. Ze voelen zich innerlijk onrustig, staan het gevoel alsmaar "aan" te staan, hebben moeite met ontspannen of raken sneller overprikkeld dan vroeger. Het lijkt alsof het zenuwstelsel voortdurend in een lichte staat van paraatheid verkeert, zonder duidelijke aanleiding.
Slaap en herstel
Het slaapproces is één van de meest gevoelige biologische systemen die we hebben. Bij een hogere belasting met straling is de slaapkamer vaak de plek waar de effecten het sterkst merkbaar zijn, juist omdat het lichaam daar zou moeten herstellen, maar dat niet volledig lukt. Bij een hogere belasting door straling ervaren veel mensen dat zij moeilijker inslapen en lichter en onrustiger slapen.
Onderzoek suggereert dat hoogfrequente straling het lichaam op verschillende manieren kan beïnvloeden:
- Verstoring van melatonineproductie: melatonine is het hormoon dat je lichaam vertelt dat het tijd is om te slapen. Elektromagnetische velden kunnen de aanmaak hiervan remmen, waardoor je slaap- en waakritme verstoord raakt.
- Activering van het stresssysteem: hoogfrequente straling kan het sympathische zenuwstelsel activeren, het systeem dat je lichaam in een staat van alertheid brengt. Dat is echt het tegenovergestelde van wat je nodig hebt voor diepe slaap.
- Verhoogde hersenactiviteit: studies tonen aan dat blootstelling aan GSM- en wifi-signalen de hersenactiviteit tijdens de slaap kan verhogen, wat de slaapkwaliteit verslechtert.
Waarom juist om drie uur?
Dit is geen toeval. Rond drie uur 's nachts is je lichaam in een overgangsfase tussen diepe slaap en lichte REM-slaap. In deze fase is je lichaamstemperatuur het laagst en de melatonineproductie het hoogst. Je bent op dat moment het gevoeligst voor prikkels van buitenaf.
Zendmasten, telefoons, routers, etc zenden continu hoogfrequente straling uit. Voor mensen die daar gevoelig voor zijn, kan dit precies net genoeg verstoring veroorzaken om hen wakker te maken. En dan heb je gelijk het gevoel van ‘aan’ staan en is dan weer inslapen moeilijk.
Lichamelijke reacties
Daarnaast worden vaak lichamelijke reacties genoemd, zoals:
hoofddruk of hoofdpijn
stijve nek en schouders
hartkloppingen in rust
tintelingen of een soort “elektrisch” gevoel
concentratieproblemen
gejaagdheid zonder duidelijke oorzaak
Dit zijn geen medische diagnoses, maar herkenbare reacties die veel mensen beschrijven als de omgevingsbelasting voor hun gevoel te hoog is.
Waarom je dit zelf niet kunt beoordelen
Wat hoogfrequente straling ingewikkeld maakt, zijn twee dingen:
Je ziet het niet en je hoort het niet.
Je merkt vaak alleen de gevolgen: slechter slapen, hoofddruk, vermoeidheid of een ruimte die simpelweg niet prettig voelt.
In huizen ontstaan bovendien echte “hotspots”. Kijk maar eens hoeveel zendmasten er in Amsterdam staan. Straling weerkaatst op muren, beton, staal en glas. Daardoor ontstaan plaatselijke versterkingen op specifieke plekken – soms precies waar je zit, werkt of slaapt. Dat zie je zelf niet, maar je lichaam kan er wél op reageren.
Daar komt bij dat meerdere bronnen elkaar kunnen versterken. Een wifi‑router, een DECT‑basis en een slimme meter kunnen samen onverwacht hoge pieken veroorzaken, zelfs als ieder apparaat op zichzelf “binnen de normen” valt.
De enige manier om zeker te weten wat er speelt
Je kunt dit niet met het blote oog of alleen op gevoel in kaart brengen. Daarvoor is een professionele meting nodig.
Bij een meting kijk ik onder andere naar:
welke HF‑bronnen in en om het huis actief zijn
hoe sterk de signalen zijn
waar reflecties en staande golven ontstaan
welke plekken overbelast zijn
en hoe de situatie in slaap‑ en leefruimtes werkelijk is
Zo wordt zichtbaar wat je zelf niet kunt zien, en kun je gericht iets aan de situatie doen.
Laagfrequente straling
Behalve hoogfrequente straling is er ook laagfrequente straling. Ook daar kan je gezondheidsklachten van krijgen. Bekend is dat het niet goed is om onder of vlakbij hoogspanningsmasten te wonen. De straling van hoogspanningsmasten reikt soms wel honderden meters ver. Onderzoek van het RIVM toont aan dat mensen die vlakbij hoogspanning wonen een verhoogde kans hebben op leukemie.
Maar ook in huis zijn bronnen van laagfrequente straling. Een paar voorbeelden: wie op een elektrisch verstelbaar bed slaapt, ligt de hele nacht in een sterk veld. Terwijl de verstelfunctie vaak nauwelijks gebruikt wordt. Hetzelfde geldt voor elektrisch verstelbare banken en stoelen. In de keuken zijn een magnetron en een inductieplaat ook sterke bronnen van laagfrequente straling.
Rondom het bed
Het is beter niet allerlei snoeren, stekkerdozen en opladers vlakbij je bed te hebben. Hoe minder straling hoe beter. En voor mensen met een apneu-apparaat: in de slang naar de gezicht zit vaak een verwarmingsspiraal, die echt veel straling maakt. Er zijn ook slangen die dat niet hebben. Ik meet overal in of er laagfrequente straling is.
Bij een hoogspanningsmast kan je maar beter niet vlakbij wonen
Meten is weten
Als we precies weten welke straling er is, kunnen we beginnen met neutraliseren. Kijk eens hier hoe dat in zijn werk gaat. Er zijn ook mensen die alleen een aankoopkeuring van een huis willen: dan weten ze waar ze aan beginnnen.